Er wordt gejuicht, gehuild, gegeten, gewacht en uiteindelijk gevierd. Katholieken lopen in deze week stap voor stap mee met Jezus. Niet gehaast, maar zoals je een belangrijk verhaal volgt: bladzijde voor bladzijde.
Er is een merkwaardige gewoonte onder mensen om de Goede Week te beschouwen als een soort religieus drama dat wij elk jaar opnieuw opvoeren. Wij lezen de teksten, zingen de liederen, en behandelen het geheel een beetje zoals men een oud toneelstuk behandelt: eerbiedig, maar met de stille veronderstelling dat het eigenlijk allang voorbij is. Maar dat is precies wat het christendom nooit heeft beweerd.
De gebeurtenissen van de Goede Week zijn niet slechts een verhaal over iets dat ooit gebeurd is. Zij zijn, om zo te zeggen, het moment waarop de werkelijkheid zelf van richting verandert. Om te begrijpen wat er gebeurt, moeten we eerst iets erkennen over de wereld waarin we leven. De mens heeft altijd geweten dat er iets mis is met de wereld. Niet slechts dat er ongelukken gebeuren of dat mensen stommen dingen doen, maar dat de mensheid ontspoord is en niet in staat is terug op de rails te geraken. Daarom brengen heidenen offers aan vermeende goden, bedenken filosofen wat de oorzaak zou kunnen zijn, en vraagt elke mens zich af waarom hij niet gewoon gelukkig kan zijn. Ja, we zien het kwaad in de wereld, en als we eerlijk zijn weten we dat we ook zelf oorzaak zijn van het probleem. Het christendom noemt dat de zondeval: een bug in de broncode van de mensheid, de barst in de menselijke natuur, het litteken dat zichtbaar blijft.
En het vreemde van de Goede Week is dat zij niet begint met een oplossing die van buitenaf wordt opgelegd. Zij begint met een Koning die een stad binnenrijdt op een ezel, alsof hij bewust alle tekenen van macht vermijdt die wij normaal verwachten. Het is alsof God besloten heeft de wereld niet te overwinnen door haar te breken, maar door van binnenuit de bug te herstellen.
Dit leidt natuurlijk tot het kruis, dat voor veel mensen het meest raadselachtige onderdeel van het christendom blijft. Waarom zou God zoiets doen? Een gedeeltelijk antwoord is dat het kruis laat zien hoe diep het probleem werkelijk is. Wanneer goedheid zelf in de wereld verschijnt, is de reactie van de wereld om haar te doden. Dat is een ongemakkelijke waarheid, maar het is een waarheid die de geschiedenis maar al te vaak bevestigt. “Bent gij soms kwaad omdat ik goed ben?”, vraagt Jezus. Het antwoord was een stilzwijgend ‘ja’. Daarom liet men liever Barabbas vrij dan Jezus. In Barabbas kon men zich beter herkennen dan in die Man van onkreukbaar roestvrij staal. Toch is het kruis niet slechts een diagnose. Het is ook een daad.
Het christendom beweert dat God daar, in die schijnbare nederlaag, het gewicht van de menselijke schuld op zich neemt. Niet omdat hij verplicht was dat te doen, maar omdat liefde nu eenmaal de vreemde neiging heeft om de lasten van anderen te dragen. Zoals iemand die vrijwillig een schuld betaalt die hij niet zelf gemaakt heeft, simpelweg om de ander vrij te maken.
En dan komt Pasen. Als het verhaal bij het kruis was geëindigd, zou het een tragisch verhaal zijn geweest van een man met idealen met wie het heel slecht afloopt. Maar Pasen verandert alles. Want als Jezus werkelijk uit de dood is opgestaan, dan betekent dat dat de dood zelf niet langer het laatste woord heeft. Het is alsof in een donkere kamer plotseling een deur opengaat naar buitenlicht. De kamer is nog steeds donker, maar men weet nu dat de duisternis niet de grenzen van de werkelijkheid bepaalt.
Dat is uiteindelijk wat de Goede Week betekent. Niet dat het lijden verdwijnt, of dat het kwaad plotseling ophoudt te bestaan. Maar dat in het midden van onze ontspoorde wereld iets nieuws is begonnen – iets dat even stil begon als die man uit Nazareth die uit een graf opstond, en dat sindsdien langzaam maar onstuitbaar door de wereld werkt.
Het christendom zegt niet alleen dat Christus is gestorven en opgestaan. Het zegt dat daarmee een totaal nieuw hoofdstuk van de schepping is begonnen. En dat wij, tot onze verbazing, worden uitgenodigd om daaraan mee te doen. En dat Hij – verrezen en ten hemel opgestegen – ons nog altijd nabij is in de hoedanigheid van brood en wijn in de eucharistie. Nee, niet symbolisch, niet als herinnering aan iets van lang geleden, maar echt helemaal aanwezig hier en nu.
+ Rob Mutsaerts.
Hulpbisschop Rob Mutsaerts richt zich namens de Nederlandse Bisschoppenconferentie op de jeugd en hij schrijft jongeren regelmatig een persoonlijke brief. Recent schreef hij bovenstaande brief over de Goede Week, een bijzonder moment in de geschiedenis waarin de bug in de broncode van de mens werd gefikst… Je vindt alle brieven van de bisschop in de rubriek Smaakmaker op jongkatholiek.nl.


